IN THE FIELD
Maintenance Magazine 138 – december 2017
Technische revolutie voor de maintenance van de Brusselse bussen
-
-
-
-
-

“Hoe sneller we winnen aan materiaalkennis, des te beter gefundeerde beslissingen we kunnen treffen”, zegt Alain Catanese, verantwoordelijk voor het technisch onderhoud bussen bij de MIVB-STIB. (Foto: MIVB-STIB)

In samenwerking met de Technische School Cardinal Mercier in Schaarbeek organiseert MIVB een speciale ‘duale’ jaaropleiding ‘elektromechanicien’. (Foto: MIVB-STIB)
PreviousNext
De Brusselse MIVB telt zo’n 700 bussen die elke dag enkele honderdduizenden klanten vervoeren. Per jaar rijden ze bijna 25 miljoen km. Deze diesels, aangeschaft bij Jonckheere (nu VDL), Van Hool en Mercedes zijn drie tot 20 jaar oud en van verschillende types. De MIVB heeft vijf aanbestedingen uitstaan voor 145 nieuwe hybride en elektrische bussen. Die zullen een deel van de oudste bussen vervangen maar het bestaande park ook aanvullen. “De grote uitdaging wordt de maintenance”, zegt Alain Catanese, verantwoordelijk voor het technisch onderhoud bussen bij de MIVB in het centrale depot van Haren. ‘Technical bus’ telt 320 medewerkers.
“Wij verzorgen het curatief en preventief onderhoud van de bussen.” Indien ze hersteld moeten worden, gebeurt dat via een intern uitbesteden aan de divisie Transportsystemen, die overigens ook instaat voor het herstel van signalisaties, sporen, bovenleidingen, … Grotere carrosseriewerken en revisiecampagnes, zowel van bussen als trams en dienstvoertuigen worden verzorgd door het departement Onderhoud Voertuigen & Onderdelen (V&O). De dienst heeft een homoloog voor trams en voor de metro maar is de grootste in termen van voertuigen en mensen.
De elektrische midi-bussen zijn besteld en komen begin volgende zomer al op het net. De eerste elektrische standaardbussen zijn eveneens besteld. “We testen de hybride diesel-elektrische bussen”, zegt Catanese. Het betreft bussen van Iveco, Solaris en Volvo die dit najaar op de drukke en hellingenrijke lijn 64 uitgetest worden. Sommige zullen met supercaps en andere met batterijen uitgerust zijn. Tegelijk volgen een 50-tal buschauffeurs, onderhoudsmensen en interventiepersoneel een specifieke opleiding over hybride bussen.
“Op vlak van maintenance leidt dit alles tot een technologische revolutie”, zegt Catanese. “We willen uiteraard de bestaande bussen ondertussen aan de gang houden. We kijken nauwlettend toe op de evolutie van pannes en leren telkens snel bij wanneer we stukken moeten vervangen. Het is tegelijk een budgettaire oefening. Maar de betrouwbaarheid mag niet naar beneden.”
Vijf aanbestedingen
De Brusselse minister van Mobiliteit wil vanaf 2030 enkel nog elektrische voertuigen in de stad. “We zullen de komende 15 jaar onze vloot moeten vernieuwen. Hoe sneller we winnen aan materiaalkennis, des te beter gefundeerde beslissingen we kunnen treffen.”
De vijf openstaande aanbestedingen betreffen standaard en gelede hybride bussen, mini/midi elektrische bussen en standaard en gelede elektrische bussen. De elektrische midi- en standaardbussen zijn overnacht op te laden in het depot. De gelede bussen zullen uitgerust worden met een pantograaf voor bijkomende opportuniteitslaadbeurten aan de terminus. Eén lijn wordt volledig elektrisch. Nieuwe bussen zullen ook nieuwe lijnen bedienen en het aanbod verruimen. Er komen verhoudingsgewijs ook meer gelede bussen.
De aanbestedingen kunnen aan vijf verschillende toeleveranciers toegewezen worden. Dat is een nadeel (minder standaardisatie), “maar ook een opportuniteit”, aldus Catanese, “want dan zullen we echt een globaal beeld verwerven van wat er vandaag op de markt gebeurt.” Het is tegelijk de bedoeling een bredere waaier van technologieën mee te nemen. “Het gaat er om snel kennis op te doen.”
Data acquisitieproject
Het huidige busonderhoud bouwt op KPI-beheer met een klassieke rapportage. Kleinere onderhoudschecks elke 7.000 km, elke 15.000 km, worden gevolgd door grotere preventiecampagnes. “Wat wanneer gebeurt, bouwt op opgedane ‘kennis’.”
“We lanceren wel een groot ‘data acquisitieproject’”, zegt Catanese. Op oude bussen komen prototypesensoren die het dieselverbruik opnemen maar ook de data van de lambdasonde, de temperatuur en de verbranding via 3G doorsturen.” Bij bepaalde waarden zal dat bij maintenance een alarm triggeren. “We zoeken eenvoudige algoritmen die 80% van de problemen onderkennen.” EURO 6-bussen en toekomstige bussen zullen van bij de start die ‘data acquisitie’ ingebouwd hebben. “Maar ook in de toekomst handhaven we het KPI-beheer. Het zal even duren vooraleer sensoren in real time Industrie 4.0 zullen inluiden.”
Uitdagingen zijn opportuniteiten
Alain Catanese ziet in deze uitdagingen opportuniteiten. Enerzijds kunnen medewerkers zich via opleidingsplannen de nieuwe technologie eigen maken. “De EURO 5- en EURO 6-bussen hadden al meer elektronica en informatica met klantentellers, camera’s, communicatie met buiten, informatie voor de reizigers,…” Het rekruteren is al begonnen. De opleiding is klaar om gelanceerd te worden. Het gaat om 5.000 uren gespreid over vier jaar. Nu alleen de budgetten nog.
Anderzijds bereiken veel medewerkers (de ‘generatie Metro’) de pensioenleeftijd. “We kunnen ook nieuwe, opgeleide mensen aanwerven. We werken samen met scholen. Leraars lopen hier technische stages.” In samenwerking met de Technische School Cardinal Mercier in Schaarbeek organiseert MIVB een speciale ‘duale’ jaaropleiding ‘elektromechanicien’. De preselectie van een 20-tal leerlingen begint. “Op het einde van de rit werven we ze aan.” Net als de vloot, groeit ook het departement. “Ons netwerk groeit. We gaan naar bijkomende depots en garages.”
Bevoorradingsketen is cruciaal voor ultra-operationaliteit
Met potentieel vijf nieuwe toeleveranciers wordt de ‘supply chain’ cruciaal. Pannes vergen herstel. Vaak betekent dat één of meer vervangstukken. Beschikbaarheid van onderdelen is cruciaal. MIVB is een openbare dienst en is dan ook gebonden aan bepaalde, vaak langdurige processen. “Het afsluiten van een raamcontract vergt een jaar tot anderhalf jaar. De bevoorrading met wisselstukken moet dus van bij de start meegenomen worden.”
Niet alleen het profiel van de magazijnier staat onder veranderingsdruk. Het gaat er ook om de zes magazijnsystemen (één per garage en één centraal), de mobiele technici, de data in het geheel op te nemen en een plek te geven. “Heel de bevoorrading, de flux van de stukken moeten we stroomlijnen. Het beheer van het magazijn willen we in SAP integreren.”
“Voor ons is het cruciaal dat zo weinig mogelijk bussen stilstaan. Een verloren dienst kunnen we niet terugwinnen”, zegt Catanese die het dan ook heeft over ‘ultra-operationaliteit’, een dimensie die ook in het onderhoud terug te vinden moet zijn. <<
door Luc De Smet